Als je omgeving niet meer goed aansluit op wat je kunt

Uit bed komen. Douchen. Koken. Naar het toilet gaan. De trap gebruiken. Je verplaatsen. Een pot openen. Zelfstandig naar buiten gaan.
Wanneer een dagelijkse activiteit moeilijker wordt, denk je misschien al snel aan een hulpmiddel of aanpassing.
Maar welk hulpmiddel heb je nodig?
En is een hulpmiddel eigenlijk wel de beste oplossing?
Een ergotherapeut begint daarom niet bij het product.
We kijken eerst naar wat je wilt kunnen doen, waar het tijdens die activiteit misgaat en waardoor dat komt.
Pas daarna zoeken we naar een oplossing die past bij jou, de activiteit én de omgeving waarin je deze uitvoert.
Een hulpmiddel kan zinvol zijn wanneer ziekte, letsel, een lichamelijke beperking, cognitieve problemen of het ouder worden invloed heeft op dagelijkse activiteiten.
Je kunt bijvoorbeeld moeite hebben met:
Soms ontstaat zo'n probleem plotseling, bijvoorbeeld na een operatie of ziekenhuisopname.
In andere situaties verandert het dagelijks functioneren geleidelijk.
Stel dat douchen niet meer goed lukt.
Dan is “een douchestoel nodig” nog geen volledige analyse.
Waarom lukt douchen niet?
Kun je niet lang genoeg staan?
Kost douchen te veel energie?
Ben je bang om te vallen?
Kun je moeilijk de douche in en uit?
Lukt bukken niet?
Of is juist de indeling van de badkamer het probleem?
Afhankelijk van het antwoord kan ook de oplossing anders zijn.
Daarom bekijken we bij ergotherapie de combinatie van:
jouw mogelijkheden + de activiteit + de omgeving.
Een hulpmiddel is één mogelijke oplossing.
Niet automatisch de eerste.
Niet ieder probleem vraagt om een hulpmiddel.
Soms kan een activiteit anders worden uitgevoerd.
Misschien kan de volgorde worden aangepast. Kun je een taak zittend uitvoeren in plaats van staand. Kan een veelgebruikte plek anders worden ingericht. Of kan een handeling eenvoudiger worden gemaakt.
Dat klinkt soms klein.
Maar een oplossing die eenvoudig is en iedere dag werkt, kan waardevoller zijn dan een ingewikkeld hulpmiddel dat uiteindelijk in de kast blijft liggen.
Daarom zoeken we naar de oplossing die het probleem daadwerkelijk oplost, niet naar zoveel mogelijk voorzieningen.
Er bestaan hulpmiddelen voor vrijwel ieder onderdeel van het dagelijks leven.
Denk bijvoorbeeld aan hulpmiddelen voor:
Welke oplossing geschikt is, hangt sterk af van de situatie.
Een hulpmiddel dat voor de één uitstekend werkt, kan voor iemand anders juist onpraktisch of zelfs onveilig zijn.
Daarom heeft een algemene lijst met “de beste hulpmiddelen” weinig waarde.
Het gaat om de vraag welk probleem jij probeert op te lossen.
Soms ligt het probleem niet alleen bij een losse activiteit, maar bij de woning zelf.
Bijvoorbeeld wanneer:
Dan kan een aanpassing van de woning nodig zijn.
Een ergotherapeut kan de situatie thuis bekijken en onderzoeken welke functionele eisen een oplossing moet hebben.
Niet vanuit de vraag “welke verbouwing is mogelijk?”, maar vanuit:
wat moet je hier dagelijks kunnen doen?
Bij hulpmiddelen en woningaanpassingen is de eigen omgeving vaak belangrijk.
Een hulpmiddel kan in een showroom prima lijken te werken, maar thuis onvoldoende ruimte hebben.
Een transfer kan in een behandelruimte lukken, maar naast het eigen bed moeilijk zijn.
En een advies voor de badkamer heeft weinig waarde zonder te weten hoe die badkamer eruitziet en hoe je hem gebruikt.
Daarom kan een ergotherapeut wanneer dat nodig is bij je thuis komen.
We kunnen dan de activiteit bekijken op de plek waar het probleem daadwerkelijk ontstaat.
Lees meer over ergotherapie bij zelfstandig thuis wonen.
Een hulpmiddel moet niet alleen technisch geschikt zijn.
Je moet het ook kunnen en willen gebruiken.
Daarom kan het belangrijk zijn om een hulpmiddel uit te proberen voordat een definitieve keuze wordt gemaakt.
Kun je ermee omgaan?
Past het bij de activiteit?
Past het in je woning?
Kun je het zelfstandig gebruiken?
Lost het daadwerkelijk het probleem op waarvoor het bedoeld is?
Afhankelijk van het soort hulpmiddel en de situatie kan de ergotherapeut helpen bij het beoordelen en uitproberen van mogelijkheden.
Een goed hulpmiddel is niet automatisch een bruikbare oplossing.
Een rolstoel, transferhulpmiddel of aangepast gebruiksvoorwerp kan bijvoorbeeld training vragen.
Ook een relatief eenvoudig hulpmiddel kan anders gebruikt worden dan je gewend bent.
Daarom kan ergotherapie zich niet alleen richten op de keuze van een hulpmiddel, maar ook op het daadwerkelijk toepassen ervan tijdens dagelijkse activiteiten.
Pas wanneer een oplossing in het dagelijks leven werkt, heeft deze zijn doel bereikt.
Na een operatie of ziekenhuisopname kan tijdelijk ondersteuning nodig zijn.
Misschien mag je een arm of been nog niet volledig belasten. Misschien is bukken tijdelijk moeilijk. Of je kunt bepaalde dagelijkse handelingen nog niet zelfstandig uitvoeren.
Een hulpmiddel hoeft dan niet permanent nodig te zijn.
We kijken wat nodig is om tijdens het herstel veilig en zo zelfstandig mogelijk te functioneren en of die behoefte verandert wanneer je mogelijkheden toenemen.
Lees meer over ergotherapie na ziekte of operatie.
Bij pijn, stijfheid of verminderde kracht kunnen kleine hulpmiddelen soms een groot verschil maken.
Bijvoorbeeld bij het openen van verpakkingen, koken, aankleden of andere activiteiten waarbij veel kracht uit handen en gewrichten wordt gevraagd.
Maar ook hier geldt:
we kijken eerst naar de manier waarop de activiteit wordt uitgevoerd.
Soms kan een andere techniek de belasting al verminderen.
Lees meer over ergotherapie bij reuma en artrose.
Wanneer je klachten vooral in je hand of pols zitten, kan ook handtherapie passend zijn.
Een hulpmiddel hoeft niet altijd iets fysieks te ondersteunen.
Ook structuur, geheugen en veiligheid kunnen aanleiding zijn voor een praktische oplossing.
Denk bijvoorbeeld aan ondersteuning bij:
Daarbij is het extra belangrijk dat een oplossing aansluit bij wat iemand begrijpt en gewend is.
Een technisch slimme oplossing heeft weinig waarde wanneer iemand hem in het dagelijks leven niet zelfstandig kan gebruiken.
Lees meer over ergotherapie bij cognitieve problemen.
Bij dementie kan daarnaast specifieke begeleiding van de persoon én mantelzorger nodig zijn. Lees meer over ergotherapie bij dementie en EDOMAH.
Sommige hulpmiddelen en woningaanpassingen kunnen afhankelijk van de situatie via de gemeente worden aangevraagd op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
Andere hulpmiddelen kunnen bijvoorbeeld onder de zorgverzekering vallen, via een andere regeling worden verstrekt of zelf aangeschaft worden.
Welke route geldt, hangt af van het hulpmiddel, de persoonlijke situatie en de geldende voorwaarden.
Een ergotherapeut kan helpen om de functionele hulpvraag duidelijk te maken en, wanneer dat binnen het traject passend is, adviseren over wat nodig is.
De gemeente, zorgverzekeraar of andere verstrekker bepaalt uiteindelijk of een voorziening wordt toegekend en welke voorwaarden daarvoor gelden.
Dat verschilt per hulpmiddel en situatie.
Soms kan een ergotherapeut rechtstreeks betrokken zijn bij een aanvraag of adviesrapportage. In andere gevallen loopt de aanvraag via de gemeente, zorgverzekeraar, leverancier, huisarts of een andere betrokken partij.
Daarom kijken we eerst welke voorziening nodig lijkt en welke route daarbij hoort.
Zo voorkomen we dat je begint met een aanvraag voor een oplossing waarvan nog niet duidelijk is of deze daadwerkelijk bij je hulpvraag past.
Niet ieder hulpmiddel hoeft via een formele aanvraagroute te lopen.
Eenvoudige hulpmiddelen zijn soms zelf verkrijgbaar, terwijl grotere voorzieningen of woningaanpassingen via een gemeente of andere verstrekker kunnen lopen.
Zelf kopen kan soms sneller zijn, maar is niet automatisch de beste keuze.
Vooral bij duurdere of complexere hulpmiddelen is het verstandig eerst te weten:
Zo voorkom je dat je iets aanschaft wat uiteindelijk niet goed blijkt te passen.
We beginnen met jouw hulpvraag.
Welke activiteit lukt niet goed? Waar vindt deze plaats? Wat heb je al geprobeerd? En wat wil je uiteindelijk weer zelfstandig of veiliger kunnen doen?
Afhankelijk van de situatie kunnen we vervolgens:
Het hulpmiddel is dus niet het einddoel.
Het einddoel is de activiteit die je ermee weer kunt uitvoeren.
Binnen Knooppunt helpen onze ergotherapeuten bij praktische problemen in het dagelijks functioneren.
Soms is een andere manier van handelen voldoende. Soms moet de omgeving veranderen. En soms is een hulpmiddel of woningaanpassing de beste oplossing.
We kijken daarbij naar wat past bij jouw mogelijkheden, dagelijkse activiteiten en leefomgeving.
Meer weten over ergotherapie in het algemeen? Lees wat ergotherapie kan betekenen bij problemen in het dagelijks functioneren.
Je hoeft zelf nog niet te weten welk hulpmiddel of welke aanpassing passend is.
Dat is juist waar het onderzoek kan beginnen.
We kijken samen welke activiteit problemen geeft, waardoor dat gebeurt en welke oplossing je helpt om zo zelfstandig en veilig mogelijk te functioneren.
Wij helpen je graag verder. Neem contact met ons op voor meer informatie en om aan een behandeling te beginnen.
Maak een afspraak